9.7 Bestuurlijke vraagstukken
Hoewel de waterkwaliteit is verbeterd, wordt het gewenste niveau nog niet overal bereikt. De aandacht moet vooral gericht zijn op diffuse bronnen en voldoende ruimte voor water bij de inrichting van nieuwe gebieden. Verdere verbeteringen zijn bijna alleen mogelijk door generiek beleid, technologische oplossingen en intensievere samenwerking tussen de actoren. Ook is een belangrijk positief effect te verwachten van de nieuwe Waterwet en de KRW. De bezuinigingen van het nieuwe kabinet versoberen de uitvoering van de KRW echter.
Aanpak waterkwaliteitsproblemen
Hoewel de waterkwaliteit is verbeterd, wordt het gewenste niveau nog niet overal bereikt. Nog steeds treden er in sommige wateren problemen op met blauwalgen, kroos en bacteriële verontreiniging. Er zijn verdergaande investeringen nodig om de waterkwaliteit over de hele linie of voor specifieke wateren verder te verbeteren. De meest kosteneffectieve maatregelen zijn inmiddels uitgevoerd. Hierbij zijn de volgende onderwerpen belangrijk.
De meest belastende diffuse bronnen in Nederland zijn de bouw, het verkeer en de landbouw. Continue agendering van dit probleem bij het rijk is van belang. Daarnaast speelt emissie vanuit de afvalwaterketen een belangrijke rol. Al jaren werken de waterschappen en gemeenten samen om de vuiluitworp uit de afvalwaterketen te reduceren. Dankzij goede samenwerking is de situatie steeds verder verbeterd, maar continuering blijft nodig. Dit komt doordat de waterkwaliteit in stedelijk gebied weer achteruitgaat, doordat riooloverstorten vaker zullen ‘werken’ als gevolg van onregelmatiger en heviger neerslag.
Bij de inrichting van nieuwe gebieden moet voldoende ruimte voor water komen. Samenwerking tussen partijen is hierbij van cruciaal belang. Bij de aanleg van nieuwe wegen moet het hemelwater worden afgekoppeld en naar een zuiverende voorziening worden geleid. Atmosferische depositie is immers een bron van stikstof en andere verontreinigingen. Voor nieuwe stoffen (veelal de (dier)geneesmiddelen en hormoonstoffen) en andere probleemstoffen is een maatregelenpakket afgesproken in het Uitvoeringsprogramma diffuse bronnen. De Tweede Kamer wordt periodiek via een voortgangsrapportage geïnformeerd. De eerste rapportage is op 30 september 2009 aangeboden. In de regio is actieve inzet op dit taakveld gewenst.
Verdere verbeteringen in de waterkwaliteit in rivieren en kustwateren zijn moeilijk te realiseren. Dit komt doordat in de regio Rijnmond de belasting van rijkswateren en de kustzone voor tweederde afkomstig is van buitenlandse bronnen. Binnendijks zijn bronmaatregelen ook niet eenvoudig doordat de waterkwaliteit beïnvloed wordt door allerlei diffuse bronnen. Verdere verbeteringen zijn alleen mogelijk door generiek beleid, technologische oplossingen en een intensievere samenwerking tussen de actoren. Wel mag een belangrijk positief effect verwacht worden van de nieuwe Waterwet en de KRW.
Beleid verzilting/zoetwatervoorziening
Bij lage rivierafvoeren dringt zout water vanuit zee de rivier op. Hierdoor worden bepaalde inlaatpunten waar normaliter zoet water wordt ingelaten, onbruikbaar. Om gebieden waar zoet water gewenst is, te ontzien, moet water van elders worden aangevoerd of moet bewust worden gekozen voor suppletie met zout water wanneer er schade ontstaat door het uitzakken van het waterpeil. De voorziening van zoet water voor de landbouw is een belangrijk bestuurlijk agendapunt in het landelijk gebied van de regio. Voor de aanvoer van zoet water zijn de te maken bestuurlijke keuzen van groot belang voor de zijarmen van de grote rivieren. Discussies hierover vinden plaats in het kader van het deelprogramma Zuidwestelijke Delta.
Kaderrichtlijn Water
De komst van het nieuwe kabinet en de forse bezuinigingen hebben bij RWS Zuid-Holland geleid tot het ‘ temporiseren en versoberen’ van een aantal KRW-maatregelen. Zo is voor RWS Zuid-Holland het ‘Kierbesluit’ ingetrokken. De meeste maatregelen voor de aanleg van vispassages bij gemalen zijn uitgesteld tot na 2015. Bij waterbodemsaneringen zijn ingrepen om de waterbodemkwaliteit te verbeteren, niet meer vanzelfsprekend, omdat de waterkwaliteit met het nieuwe KRW-beleid leidend is geworden. Ook is een aantal herstel- en inrichtingsmaatregelen onder druk komen te staan door budgetkrapte. Momenteel wordt de lijst KRW-maatregelen opnieuw geprioriteerd. Deze nieuwe besluiten zullen de realisatie van de KRW-doelen vertragen. Overigens bleek in april 2011 een meerderheid van de Eerste Kamer alsnog voor uitvoering van het Kierbesluit.
Bestuursakkoord Water
Rijk, provincies gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven hebben recent een nieuw Bestuursakkoord Water gesloten. Dit akkoord focust op een doelmatiger waterbeheer; daarbij is de inzet de kwaliteit van het beheer te vergroten tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten. De maatregelen zijn gericht op:
- heldere verantwoordelijkheden, minder bestuurlijke drukte;
- beheersbaar programma voor de waterkeringen;
- doelmatig beheer van de waterketen;
- slim combineren van werkzaamheden;
- indirecte verkiezingen waterschapsbestuur.
Dit nieuwe beleid verandert verantwoordelijkheden en grijpt in op de planstructuren. Beleid en uitvoering worden meer gescheiden en het beleid over verschillende beleidsterreinen wordt meer geïntegreerd. De exacte impact van het bestuursakkoord is nog niet duidelijk. Aandacht hiervoor is gewenst.
Beleid bestrijdingsmiddelen
Er zijn de afgelopen jaren verschillende initiatieven genomen om de directe toestroom van in de agrarische sectoren gebruikte middelen naar het oppervlaktewater te beperken zoals voorlichting en communicatie met de sectoren, stimulering van het gebruik van kantdoppen, het plaatsen van vanggewassen en aanleg van bufferstroken. Via contacten met de wetgever proberen de waterbeheerders tevens verbeteringen te bewerkstelligen in het toelatingsbeleid en het gebruik van middelen. Het onderzoek heeft eraan bijgedragen dat bij de toelating van nieuwe middelen negatieve effecten op aquatische levensgemeenschappen worden meegenomen. Ook in stedelijk gebied worden door gemeenten nog gewasbeschermingsmiddelen en onkruidbestrijdingsmiddelen toegepast. Mede door de communicatie tussen waterschap en gemeenten hebben veel gemeenten emissiearme plannen ontwikkeld bij het beheer van de openbare ruimte. Ook hier blijft bestuurlijke aandacht ter verdere vermindering van het gebruik van bestrijdingsmiddelen nodig.

