7 Groen
Een groene omgeving is goed voor de gezondheid: mensen raken er bijvoorbeeld minder gestresst door en bewegen meer. Ook is een groene omgeving een belangrijke vestigingsfactor voor bewoners en bedrijven. Er is echter een tekort aan groen voor recreatief gebruik in en om de stad.
Groene gebieden vormen ook een waterbuffer: ze nemen een deel van het regenwater op en voorkomen daarmee wateroverlast. Groene gebieden trekken bovendien verschillende soorten planten en dieren aan, wat weer bijdraagt aan de biodiversiteit. Het doel om de achteruitgang van de biodiversiteit een halt toe te roepen, wordt nog niet gehaald. Rijksbezuinigingen spelen hierbij een rol, evenals lucht- en waterkwaliteit en verdroging. Een bedreiging voor groen en biodiversiteit vormt ook de versnippering van natuurgebieden door onder andere de aanleg van (snel)wegen. Er is een trend gaande waarbij verantwoordelijkheden voor groen en biodiversiteit verschuiven van het Rijk naar gemeenten en provincie. Daarnaast ligt er door bezuinigingen meer nadruk op de kwaliteit van het aanwezige groen, waaronder de bundeling met andere leefomgevings- kwaliteiten, zoals stilte.
De decentralisatie en bezuinigingen betekenen dat gemeenten en provincie op zoek moeten naar nieuwe vormen om groen en biodiversiteit te waarborgen.
Om na te gaan of er kwalitatief voldoende groen in en om de stad is, hebben de regionale overheidsinstanties andere sturingsinformatie nodig die een betere link legt tussen groen en gezondheid. Om de biodiversiteit beter te kunnen beïnvloeden, hebben zij meer en uniforme natuurdata nodig.

