Ga direct naar: Hoofdmenu

Ga direct naar: Submenu

Ga direct naar: Inhoud

Ga direct naar: Zoeken

Ga direct naar: Gerelateerde items

Ga direct naar: Meta navigatie

U bent hier

Inhoud

Maatregelen

Op het gebied van externe veiligheid worden landelijk, provinciaal, regionaal en lokaal veel maatregelen Uitgevoerd

De maatregelen die worden genomen op het gebied van het verhogen van de veiligheid kennen wettelijke en wenselijke kanten. Aan de wettelijke eisen wordt in de regio Rijnmond voldaan. Externe veiligheidsbeleid of visies door provincie of gemeenten binnen de regio worden opgesteld om de risico’s nog beter te kunnen afwegen. Dit is niet wettelijke vereist, maar door de gemeenten wel wenselijk geacht.

Landelijke maatregelen
Voorbeelden van landelijke maatregelen die in het kader van het basisnet genomen worden zijn het vastleggen van gebruiksruimte voor het vervoer van gevaarlijke stoffen, het vaststellen van plasbrandaandachtsgebieden (PAG-zones) en routering van gevaarlijke stoffen. Maar ook het maken van afspraken met vervoerders over de samenstelling van treinen (Warme-Bleve vrij rijden), snelheidsbeperkingen op sommige trajecten en een nieuwe generatie automatische trajectbeveiliging op het spoor (ATB-vv) worden landelijk ingevoerd.

Landelijk is de ‘Mal groepsrisico’ ontwikkeld. Dit instrument helpt specialisten externe veiligheid, beleidsadviseurs en bestuurders om risico’s af te wegen tegen maatschappelijke kosten en baten van risicovolle activiteiten en de verantwoording van het groepsrisico op te stellen. Zie verder www.malgroepsrisico.nl en www.relevant.nl. Het ministerie VROM, sinds 2011 Infrastructuur en Milieu, vergoedt een deel van de inspanning op het gebied van externe veiligheid, na de inwerkingtreding van het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), door een subsidie tot en met 2010. Deze vergoeding krijgt een vervolg in de Programmafinanciering externe veiligheidsbeleid voor andere overheden 2011-2014. In het Bestuursakkoord 2008-2011 tussen Rijk en provincies is afgesproken dat het geld voor externe veiligheid gedurende deze vier jaar via het Provinciefonds loopt. Klik hier voor toelichting over financiering via het Provinciefonds.

Provinciale maatregelen
De provincie neemt externe veiligheid op in de provinciale structuurvisie, door groepsrisico als provinciaal belang te benoemen. Daarnaast heeft zij externveiligheidsbeleid opgesteld. De provincie vindt het belangrijk dat veiligheidscontouren (bijv. voor Botlek/Vondelingenplaat) opgesteld worden in combinatie met opstellen en actualiseren van de bestemmingsplannen in het haven- en industriegebied. Klik hier voor nadere informatie over het belang hiervan. Doordat de Programmafinanciering externeveiligheidsbeleid voor andere overheden 2011-2014 via het Provinciefonds loopt, is de provincie beter in staat het provinciale externeveiligheidsbeleid vorm te geven.

Regionale maatregelen
Regionale maatregelen zijn onder meer de uitvoering van de vergunningverlening en handhaving door de DCMR Milieudienst Rijnmond. Externe veiligheid is altijd prioriteit geweest bij het uitvoeren van de taken van de DCMR; zo gaat één van haar milieudoelen specifiek over externe veiligheid. De DCMR beoogt hiermee risicovolle processen bij relevante bedrijven zo aan te pakken dat dit de omgeving helpt vrijwaren voor de eventuele gevolgen van een ramp of zwaar ongeval bij een bedrijf. Daartoe zorgt de DCMR ervoor dat het veiligheidsbeheersniveau bij de (voor veiligheid relevante) bedrijven zo hoog mogelijk is; dit betreft de bedrijven die staan geregistreerd in het Register Risicosituaties Gevaarlijke Stoffen (RRGS) van de provincies en van het RIVM. De in het RRGS geregistreerde bedrijven staan op de risicokaart die iedere inwoner kan inzien via de website www.risicokaart.nl. Ook voor de gemeenten is de risicokaart een belangrijk instrument

In het kader van programmafinanciering externe veiligheid heeft de DCMR alle bedrijven in de regio Rijnmond die onder de werkingssfeer van het Besluit externe veiligheid inrichtingen vallen (ruim 250), beoordeeld op de aanwezigheid van saneringssituaties. Het doel van het project Saneringen voor 2010 was eind 2010:

  • inzicht te hebben in de risicosituaties rondom álle Bevi-bedrijven, de stuwadoors en de emplacementen;
  • concrete stappen te hebben gezet om saneringssituaties op te lossen (via een Wm- of RO-procedure).
In de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR) werken gemeenten, brandweer, ambulancezorg, Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen nauw samen met politie, het Havenbedrijf Rotterdam, de DCMR Milieudienst Rijnmond en het Openbaar Ministerie. Haar primaire doel is de burger veiligheid en zorg te bieden door een efficiënte en effectieve hulpverlening en een hoogstaande bestrijding van calamiteiten en rampen. De DCMR en de Veiligheidsregio, die hier een wettelijke taak aan heeft (zie indicator 3066), stellen externe veiligheidadviezen op.

(Klik voor de tekst bij de indicator op de afbeelding.)

Lokale maatregelen
Vrijwel alle gemeenten binnen de regio Rijnmond hebben inmiddels een gemeentelijke externeveiligheidsvisieopgesteld of zijn daarmee bezig. Dit is een instrument om een integraal inzicht te ontwikkelen in de risico’s binnen de gemeentegrens. De visie laat zien hoe de beleidsvelden externe veiligheid, economie en ruimtelijke ontwikkeling in elkaar grijpen. Zij vormt het kader voor de aanpak van externe veiligheid in relatie tot de gemeentelijke ruimtelijke ordening voor de komende jaren. Sommige gemeenten hebben de visie als beleid uitgewerkt, andere als externe veiligheidsparagraaf in de gemeentelijke structuurvisie. De gemeente Rotterdam heeft in 2010 een groepsrisicobeleid opgesteld dat naar verwachting in 2011 wordt vastgesteld.

Ook zijn de gemeenten bezig alle leidingen, zoals hogedrukaardgasleidingen of propeenleidingen, op te nemen in bestemmingsplannen.

Binnen de ruimtelijke ordening kan een gemeente in de ontwikkeling van kwetsbare functies rekening houden met de ligging van invloedsgebieden en de hoogte van de risico’s die daar een rol spelen. Zij reduceert de kans op slachtoffers en economische schade door – bij voorkeur bij ontwikkeling van woongebieden en functies waar zich kwetsbare groepen bevinden – zo vroeg mogelijk in het planproces rekening te houden met de omvang en aard van de gebiedsbelasting door externe veiligheidsrisico’s.

Ook wanneer wordt voldaan aan de wettelijke afstand tussen risicovolle activiteiten en de omgeving, kunnen er echter (zelfs dodelijke) slachtoffers vallen bij een groot ongeluk. Om deze reden moet het bevoegd gezag (Wm en/of Wro) het groepsrisico verantwoorden in alle gevallen van wijziging van een risicovolle activiteit of ruimtelijke plan binnen het invloedsgebied van een risicovolle activiteit. Een groepsrisicoverantwoording is de afweging van veiligheid tegen economische, ruimtelijke en politieke belangen. Het is de taak van de gemeente deze afwegingen te communiceren naar haar inwoners. De VRR geeft hierbij een advies over de mogelijkheden voor rampenvoorbereiding en zelfredzaamheid.

© DCMR. Content is onder voorbehoud. zaterdag 19 mei 2012 15:04:39